Jimmy Creed (06-05-2007)

Bos en Duinschool, Bloemendaal

Stichting de Upside van Down

Het kind met het Syn­droom van Down heeft een ima­go­pro­bleem. Kin­de­ren met Down­syn­droom zijn wel­is­waar vro­lijk en muzi­kaal vol­gens de alge­meen heer­sen­de opi­nie maar heb­ben vaak ook veel medi­sche zorg nodig en kun­nen las­tig zijn. Maar is dat eigen­lijk wel zo?

De laat­ste jaren is er zowel op medisch gebied als op het gebied van ken­nis over de ont­wik­ke­ling van kin­de­ren met Down­syn­droom gro­te­voor­uit­gang geboekt. Hier­door gaan kin­de­ren met Down­syn­droom nu vaker naar het regu­lie­re onder­wijs en vin­den sta­ges en werk­plek­ken in de "nor­ma­le" maat­schap­pij. Helaas heeft de beeld­vor­ming rond­om Down­syn­droom geen gelij­ke tred gehou­den met deze posi­tie­ve­ont­wik­ke­ling. Door onbe­grip en onwe­tend­heid krij­gen kin­de­ren met het Syn­droom van Down vaak niet de kan­sen die zij ver­die­nen.

 

Door de posi­tie­ve kant van Down­syn­droom cen­traal te stel­len streeft de stich­ting naar meer begrip, accep­ta­tie en bewust­wor­ding bin­nen de maat­schap­pij.