Jimmy Creed (06-05-2007)

Bos en Duinschool, Bloemendaal

Gisteren 4 april 2013 was ik met Jim en de andere ouders die een kind met Downsyndroom hebben op de Bos en Duinschool en Margje bij een interessante lezing van Erwin Wieringa over ongewenst gedrag en eigenlijk ging het ook over inclusie.

Hij liet een stukje uit de documentaire 'Educating Peter" zien waarin een klasgenootje van Peter (een jongen met Downsyndroom) het volgende zei:

"You think that you're teaching Peter things but really Peter is teaching you things. And we might be teaching him stuff like how to do things but he's teaching us more how to think and how to react at other problems" (op de hoogte van 24 minuten in de documentaire)

Vervolgens gebeurde er vanmiddag iets met Jimmy wat laat zien dat zijn denken anders is en wij soms duidelijker moeten zijn in onze communicatie. Ik liep richting het schoolplein en zag dat Jimmy zijn klas al naar binnen was en Jimmy nog in de zandbak zat. Monique (van de peuterspeelzaal) riep naar Jimmy: "Jimmy naar binnen." Jimmy reageerde niet en bleef lekker in de zandbak zitten scheppen. Toen liep de moeder van T. naar Jimmy en vroeg: "Ga je mee naar binnen?" Waarop Jimmy reageerde: "Nee, naar huis." De moeder van T. legde uit (gaf een goede rede om naar binnen te gaan) dat hij dan toch eerst zijn tas moest halen. Dat vond Jimmy een goed argument en ging vervolgens naar binnen. Ik had me achter een paal verscholen zodat hij me niet zag. Vervolgens haalde ik hem op uit school en Petra vertelde dat ze hem eerder verteld had: "We gaan eerst buiten spelen en daarna naar huis." en dat hij daarom niet naar binnen wilde en bleef zeggen tegen de moeder van T. dat hij naar huis ging. Petra reageerde gelijk dat ze de volgende keer ook moet zeggen dat ze na het buitenspelen naar binnengaan (en dan naar huis.) Sommige dingen die voor ons logisch zijn zijn niet altijd logisch voor kinderen.

Gedrag is communicatie en soms moeten we dus naar onze eigen communicatie kijken om gedrag van een kind te veranderen.

De Droom van Down (oktober 2008)

de droom van down2

Omdat nog steeds veel ouders van kinderen met Down bij scholen tegen een muur van onbekendheid oplopen, verspreide de VIM, de vereniging voor integratie van kinderen met Downsyndroom, de brochure De Droom van Down onder alle basisscholen in Nederland. Leerkrachten vertellen aan de hand van vijf kinderen, van wie er twee naar het vmbo gaan, wat er nodig was om het goed te laten verlopen en wat de kinderen de school hebben gebracht.
Deze verhalen laten zien dat het heel goed mogelijk is om kinderen met downsyndroom regulier onderwijs te laten volgen. Daarnaast is de gids een bron van informatie met veel nuttige adressen en is een overzichtelijk stappenplan opgenomen. http://www.vim-online.nl/

De brochure is hieronder te bekijken: http://www.vim-online.nl/cms/wp-content/uploads/2011/10/De-droom-van-down.pdf

Het klinkt bekend: ‘Het zijn van die lieve kinderen.’ Toch zijn ze af en toe ook flink vervelend. Het bijzondere is dat kinderen met Downsyndroom overeenkomsten vertonen in hun gedrag: o.a. koppigheid, vasthouden aan gewoonten en aanhankelijkheid. Waar komt dat vandaan? En hoe ga je daarmee om?

erwinwieringa

Op donderdagavond 4 april 2013 organiseert de Downkern Amsterdam een informatie-avond over gedrag in samenwerking met Erwin Wieringa. Hij is een landelijke bekendheid op het gebied van belangenbehartiging voor mensen met een beperking. Bovendien is hij deskundig op het gebied van gedragsproblematiek.

De avond is bedoeld voor ouders en familieleden van kinderen met Downsyndroom, opvoeders en begeleiders. De entreekosten zijn € 7,50 per persoon en € 5,00 voor vrienden van de Downkern Amsterdam. De avond duurt van 20.00 tot 22.00 u, inloop vanaf 19.45 u. De locatie wordt binnenkort bekend gemaakt.

Kijk voor meer informatie op http://www.erwinwieringa.nl/. Graag aanmelden voor deze informatie-avond via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..">Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

ik wil niet lopen

Omgaan met moeilijk gedrag

Alle peuters doorlopen de peuterpuberteit, de fase waarin ze hun eigen willen ontdekt hebben en experimenteren met ‘nee’ en eventueel met driftbuien. Bij kinderen met Downsyndroom zal dit vaak iets later zijn dan bij andere kinderen. Daarnaast kan het doorlopen van die fase veel langer duren. Hoe heftig dit verloopt, verschilt van kind tot kind. Hoewel je wel weet dat deze fase ooit weer voorbij zal gaan, kan het soms toch heel moeilijk zijn om goed om te gaan met allerlei moeilijk gedrag. Bovendien wil je niet dat sommige gedragingen diep inslijten.

Lees meer op: http://www.downsyndroom.nl/gedragsproblemen

 

Eisen en en plezier bij ontwikkelingstimulering

Aan de ene kant moet je grenzen stellen en eisen blijven stellen. De ervaring heeft ons geleerd dat veel kinderen met Downsyndroom een soort ‘tough love’ (liefde met duidelijke leiding) nodig hebben en geen ‘soft love’ (een te toegeeflijke houding). Maar, tegelijkertijd is het belangrijk dat het kind zijn ouders of andere opvoeders niet alleen maar gaat ervaren als degenen die hem dwingen en grenzen stellen (hoe nodig dit ook is), maar ook moet blijven ervaren als bron van goedkeuring en plezier.

Lees meer op : http://www.downsyndroom.nl/liefde-en-discipline

 

Impulsief gedrag

Een probleem bij jonge kinderen met Downsyndroom is dat de expressieve taal (spraak) laat op gang komt. Dat betekent dat er vaak meer impulsiviteit is, omdat je ook via taal je gedrag reguleert. Je kunt dat soms deels opvangen door zaken visueel te maken. Door dagschema’s en het verloop van activiteiten ook met foto’s of duidelijke plaatjes te verduidelijken. Eventueel ook door heel duidelijk plaatjes te maken van gewenst gedrag en dat hem of haar te laten zien terwijl je hem of haar erin opstart.

Lees meer op: http://www.downsyndroom.nl/Impulsief-gedrag

 

A (Antecedents) B (Behaviour) C (Consequences) analyse

Het is belangrijk bij gedrag dat je als opvoeder als onwenselijk ervaart, goed te kijken naar wat er precies gebeurt in zo’n situatie. Als dit heel systematisch wordt gedaan, heet dat een ABC-analyse. Een orthopedagoog of psycholoog kan dit uitvoeren. Je kunt het echter eventueel ook zelf doen. Een duidelijke brochure met informatie hierover met de titel 'Het moet ophouden' kun je hier downloaden. 
 
Alvorens je een ABC-analyse maakt, moet je wel nagaan of er geen medische problemen zijn, want deze kunnen (door pijn of vermoeidheid of door uitval van zintuigen, bijvoorbeeld gehoorverlies) een rol spelen bij het ontstaan van moeilijk gedrag. Medische problemen moeten worden onderkend en behandeld. Daarnaast kunnen natuurlijk ingrijpende levenservaringen (verhuizing, nieuwe school, overlijden of ziekte van naasten, echtscheiding van ouders) een weerslag geven op het gedrag van een kind.
 
Ook zonder een helemaal uitgewerkte ABC-analyse, kan het nuttig zijn om te leren denken in de achterliggende ideeën.
 
 
Wegloopgedrag
 
Wegloopgedrag is niet ongewoon bij peuters, of ze nu wel of geen Downsyndroom hebben. Het hoort bij de ontwikkeling van autonomie. Ook hier geldt echter dat de leeftijdsperiode waarin dit gebeurt langer kan duren bij kinderen met Downsyndroom.